Elf vragen aan… Casper Brus

SCHIJNDEL – De eerste vier competitieduels keepen ze om en om en daarna wordt beslist of hij of Dylan van Schaik de nieuwe doelman van Avanti’31 wordt. Casper Brus, al eerder de eerste keus bij de Schijndelse derdeklasser, hoopt zijn plek terug te veroveren. Vandaag staat hij centraal in onze wekelijkse rubriek, waarin hij de bekende elf vragen beantwoordt.

Naam: Casper Brus.
Geboren: 27 augustus 1997 in Schijndel.
Club(s): Al mijn hele leven bij Avanti.
Positie: Doelman.
Dagelijks leven: Ik woon in Schijndel, dit jaar ga ik afstuderen aan de opleiding Sportcommunicatie aan de Fontys in Tilburg.

  1. Sterkste/zwakste punt: Mijn sterkste punt is mijn reflexen. En penalty’s stoppen, als is dat inmiddels al best lang gelede voor het laatst voorgekomen. Het zwakke punt is verliezen.
  2. Kunst- of natuurgras: Er gaat niets boven een goede grasmat. Maar aangezien die in de 3e klasse schaars zijn, kan ik ook prima leven met een kunstgrasveld.
  3. Kleur voetbalschoenen: Rood.
  4. Mooiste tenue en sportpark: Er kan geen enkel tenue tippen aan het blauw-wit van Avanti. De titel van gezelligste sportpark wil ik ook bij ons zelf houden.
  5. Mooiste voetbalmoment: Drie jaar geleden het kampioenschap met Avanti 2. Het hele seizoen voerden we toen de ranglijst aan, maar aan het einde lieten we wat punten liggen en zo verloren we ook de laatste wedstrijd. We liepen toen teleurgesteld van het veld, omdat we het kampioenschap verspeeld dachten te hebben. De concurrent was echter nog bezig. We hebben toen met het hele team 10 minuten in spanning naast het veld staan wachten, terwijl er telefonisch contact was met de andere wedstrijd. Toen de concurrent uiteindelijk niet had kunnen winnen, bleken wij alsnog de kampioen. Nog nooit zo veel euforie op één moment gevoeld.
  6. Dieptepunt/grootste blunder: Dat was twee seizoenen geleden, uit bij Haarsteeg, toen een verkeerde uittrap tot een tegengoal leidde. Daardoor verloren we de wedstrijd en dat puntenverlies was essentieel voor onze aansluiting met koploper Real Lunet.
  7. Opvallendste teamgenoot: Berend Arts. ‘B’, zoals hij genoemd wordt, is een onbeschrijfbare man. Zelden zo’n figuur rond zien lopen. Hij is als een popartiest, maar dan zonder de fame. Hij is creatief in alles wat hij doet. Van bijnamen, tot trucjes onder de douche… helaas. Een pretje om zo’n speler in je team te hebben. Hij kan overigens op het veld heel erg serieus zijn, op de een of andere manier.
  8. Voetbalhumor: Een aantal jaar geleden in de jeugd onderschepte ik de bal bij een corner tegen. Sam Habraken stond voorin klaar om te counteren. Hij riep me, zodat ik de bal zou afgeven. In plaats van dat hij ‘Cassie’ riep, riep hij toen per ongeluk ‘Kees’. Niemand wist wie of wat hij bedoelde, hij zei maar wat. Ik reageerde er wel op, gaf hem de bal, en hij maakte de winnende. Sindsdien is mijn bijnaam Kees.
  9. Wat wil je nog bereiken: Een gevestigde naam worden en blijven in Avanti 1. Mijn droom is daarnaast om samen met mijn broers Jeroen (23) en Jelle (19) om half drie op het hoofdveld van sportpark De Molenheide te schitteren. Of het realistisch is weet ik niet, maar het zou geweldig zijn als we ooit met zijn drieën in de basis staan bij 1.
  10. Beste speler uit de regio: Ik moet zeggen dat ik niet heel veel spelers in de regio bij naam ken. Ben daar niet heel veel mee bezig.
  11. Opvallendste regioclub: Doe maar SCG’18, waar we zondag spelen. Omdat we onderling altijd een gezellige sfeer hebben en het daar na de wedstrijd in de kantine altijd gezellig is.
    Zelf hopen we bovenin mee te gaan draaien. Vorig jaar hebben we geen prijs gepakt, maar dit seizoen hebben we zeker een groep waar dat mee moet kunnen. Dus daar gaan we ook voor.
Foto: sportfotobrabant.nl
Dit bericht is geplaatst in Avanti'31, Elf vragen aan. Bookmark de permalink.

Geef een reactie