Elf vragen aan… Kaj de Visser

SCHIJNDEL – Na een niet meer verwachte en vrij opzienbarende rentree, hangt Kaj de Visser alsnog zijn voetbalschoenen aan de wilgen. Als eerste elftalspeler althans. De 31-jarige aanvaller uit Schijndel vindt het, met zijn rugklachten en de kapotte kruisband in het achterhoofd, mooi geweest. “Tijd voor de jongere generatie”, vertelt de veroorzaker van een van de meest spraakmakende artikelen op onze website in zijn ‘afscheidsinterview’.

Naam: Kaj de Visser.
Geboren: 1 maart 1989 in Den Bosch.
Club(s): Afgelopen seizoen SCG’18, daarvoor Schijndel en Avanti’31.
Positie: Spits.
Dagelijks leven: Sinds kort woon ik, samen met mijn vriendin, in Nuland. Ik ben werkzaam bij Liander als engineer en verkoop graag slappe klets onder het genot van een biertje met vrienden. Verder dart ik nog competitie op vrijdagavond.

  1. Sterkste/zwakste punt: Mijn sterke punt is wel het balvast zijn en kunnen doorvoetballen. Vroeger scoorde ik ook nog regelmatig, maar dat is verleden tijd. Het zwakste punt is dat ik slecht tegen mijn verlies kan, maar na vier biertjes ben ik allang weer vergeten wat we twee uur daarvoor gedaan hebben.
  2. Kunst- of natuurgras: Natuurgras, maar dan wel als het een perfect biljartlaken is. Wij trainden en speelden zelf met SCG thuis op kunstgras. Dat is ook niet verkeerd, maar ik voel de dagen erna wel alles aan mijn lichaam.
  3. Kleur voetbalschoenen: Zwart. Ik heb kleuren genoeg gehad, maar dat vond ik mooi geweest.
  4. Mooiste tenue en sportpark: SCG’18 heeft wel een strak tenue. En het mooiste sportpark is toch wel dat van Gemert. Het hoofdveld ligt er mooi afgelegen. Altijd mooi om daar te spelen.
  5. Mooiste voetbalmoment: Een paar jaar terug Schijndel in de 3e klasse houden was mooi. Verder promoveerden we met Schijndel 2 terwijl we niet eens meer trainden, maar alleen wedstrijden speelden, en regelmatig spelers van het vijfde elftal moesten vragen om mee te doen. Schitterend was dat. John Blummel met een kapotte schouder feesten als een beest, mooie tijd. Afgelopen winter hebben we ook met SCG de Meierij Cup gewonnen in de zaal. Dat was ook mooi om mee te maken.
  6. Dieptepunt/grootste blunder: In het begin van mijn tweede seizoen bij Avanti’31 scheurde ik mijn kruisbanden af. Uit tegen Mifano, dat vergeet ik nooit meer.
  7. Opvallendste teamgenoot: Luuk van Loon, ook wel UV-tje genoemd. Elke dag pakt die een zonnebankje. Ricardo Betten ligt daarnaast altijd te vervelen op de trainingen. Hij snapt er niks van, maar kan geweldig voetballen.
  8. Voetbalhumor: Ik kan er wel om lachen als sommige jongens op hun flikker krijgen omdat de trainer al tien keer iets uitgelegd heeft en ze dan nog niet snappen. Verder kan Arthur Bot heel mooi zingen onder de douche, echt een natuurtalent. En niet te vergeten Bas de Langen, die altijd op dezelfde plek moet zitten in de kleedkamer, en het verstoppen van onderbroeken en handdoeken natuurlijk.
  9. Wat wil je nog bereiken: Niet veel meer. Ik stop na dit seizoen bij SCG en ga niet meer ergens anders in een eerste elftal spelen. Het is mooi geweest, tijd voor de jongere generatie. Ik voetbal komend jaar weer bij Schijndel in het tweede.
  10. Beste speler uit de regio: Luuk van Loon. Klein fijn spelertje, goed in de kleine ruimtes. Een genot om naar te kijken. René Geerts vind ik ook een complete voetballer. Die kan over paar jaar met ons mee in een vriendenteam.
  11. Opvallendste regioclub: Den Dungen deed het erg goed in de competitie en BMC hoorde niet op de plek te staan waar ze zijn geëindigd. Zelf hoorden we ook hoger te staan, maar het is niet anders.
Foto: Cees van Raaij

Geef een reactie