‘Zijn onze jongetjes mannelijker geworden?’

DEN BOSCH – Ook dit seizoen gaat Wilhelmina met een veredeld jeugdelftal de competitie in. De club was in 1990-1991 nog actief in de hoofdklasse, maar tien jaar later afgedaald naar de 3e klasse en speelde daarna nooit meer hoger dan dat niveau. Inmiddels is de 4e klasse zelfs het werkterrein voor trainer Coen van Overbeek. Hij bouwt aan een elftal met overwegend eigen jeugdspelers, waarmee de club weer omhoog wil.

Zo goed en kwaad als het ging, trainde ook Wilhelmina door tijdens de coronamaanden. “Het was, net als bij alle andere clubs, lastig”, vertelt Van Overbeek, “maar gelukkig ligt die tijd hopelijk grotendeels achter ons.” De clubman, die zich de afgelopen jaren opwerkte tot hoofdtrainer, zag in de voorbije periode Djordi Meerveld naar Real Lunet vertrekken en Niels Haamans stoppen in verband met zijn studie en werk. “Wel komt Marijn Kuijpers terug van TGG. Verder zijn er nog wat jonge spelers bij gekomen. Of we er een beetje op vooruit zijn gegaan? We blijven vrij jong, maar hebben echt leuke spelers erbij, die goed in de groep passen.”

Groep broekies
Sinds het trainen na de vakantie weer is opgepakt, is het allemaal weer wat serieuzer geworden, merkt Van Overbeek: “Ik moet zeggen dat de groep gretig oogt. De groepsdynamiek is er voor mijn gevoel beter op geworden. Het blijft een groep broekies, maar ik verwacht en eis van ze dat ze dit seizoen volwassener gaan spelen. Stappen maken noemen ze dat.”

In de 4e klasse G treft Wilhelmina, met clubs als Boxtel, Jan van Arckel, Maliskamp, Nulandia en RKKSV, wat meer regioploegen dan vorig jaar. Natuurlijk stellen we Van Overbeek de vraag of hij een beetje content is met die indeling. “Het is een zware poule, maar wel een mooie”, luidt zijn reactie. “Ik wil de lat ook niet te laag leggen. We gaan meespelen voor een plek in de top-4. Eens kijken of onze jongetjes een beetje mannelijker zijn geworden in de coronaperiode.”

Geef een reactie