‘Mannen vragen veel minder waarom’

ROSMALEN – Na een tijdje niet actief te zijn geweest als trainer, pakt Bas van de Veerdonk (37) de draad weer op. De Dungenaar, die in maart vorig jaar vroegtijdig stopte bij WEC omdat hij er het plezier was verloren, is aan de slag gegaan als coach van het hoogste vrouwenteam van OJC Rosmalen. “Het niveau valt me echt niet tegen.”

Van de Veerdonk was hoofdtrainer van de mannen bij SDDL (nu Vesta, na een fusie met Ravenstein), DSV en WEC. Maar daarvóór was hij, in zijn jonge jaren, ook al enkele seizoenen actief bij OJC. “Ik heb er toentertijd de E1 en B1 getraind”, vertelt hij. Afgelopen jaar beviel de sabbatical prima, laat hij verder weten. “Nee, ik heb bijna niet gesolliciteerd. Slechts één club benaderd, maar dat is het niet geworden. Ik wilde bewust een jaar niks doen en afgelopen winter kwam er niet veel vrij. In ieder geval niet iets wat bij mij past. Er moet een uitdaging zijn en die is er zeker bij OJC. Het is dan ook wel mooi om nu weer aan de slag te zijn.”

Het is een opmerkelijke stap die Van de Veerdonk heeft gemaakt. Een (nog altijd jonge) eerste elftaltrainer die naar het vrouwenvoetbal overstapt, daarvan hebben wij er nog niet veel voorbij zien komen. “Waarom ik voor de vrouwen heb gekozen? Ik had nog geen ervaring met het trainen van een vrouwenteam, dus dat leek me een uitdaging. OJC heeft ook een prima vrouwen- en meidenafdeling. Het eerste team speelt nu alleen nog veel te laag (2e klasse, red.). De ambitie is om op een hoger niveau te komen.”

Verschillen
De grootste verschillen met het mannenvoetbal denkt Van de Veerdonk na een aantal trainingen wel te kunnen benoemen. “We hebben voor de vakantie nog een paar keer getraind en zijn nu ook alweer even bezig. Mooi voor mij om te zien wat de vrouwen in hun mars hebben. Technisch is er een verschil met de mannen, al zie ik dat wel kleiner worden naarmate de speelsters jonger zijn. Die zijn over het algemeen technisch beter onderlegd. De vrouwen zijn verder mijn inziens fanatieker en willen meer. En wat me ook opvalt is dat vrouwen veel sneller willen weten waarom je als trainer iets doet. Wat de bedoeling is van een oefening. Mannen voeren het eerder uit en komen niet of veel minder met de vraag waarom.”

Na een kleine anderhalf jaar rust is de Dungense oefenmeester blij dat het seizoen bijna weer echt begonnen is. “Het niveau valt me echt niet tegen”, zegt hij eerlijk. “We hebben veel jonge meiden, een paar routiniers en een aantal dames, ouder dan 20, dat al een paar jaar in de selectie speelt. De mix is goed en OJC heeft genoeg talent in MO17 om aan iets moois te bouwen.”

Geef een antwoord