Waar gebeurd: niet met zand gooien

ROSMALEN – Het aantal keren dat Toon van Uden en Theo van Geffen mot hadden met hun tegenstanders is waarschijnlijk niet op tien handen te tellen. Meestal probeerden ze bij die ‘meningsverschillen’ de fysieke duels te ontwijken, maar vocaal gingen ze het gevecht zéker niet uit de weg. De twee waren een meester in het steken plaatsen onder water.

“Neem bijvoorbeeld Bas van der Velden, die rooie van Geldrop”, begint Toon. “Hij is nu assistent bij Rhode, maar ging in zijn tijd als voetballer bij ieder tikkie liggen. Wij telkens roepen: ‘Scheids, scheids, Bas van de Goor ligt op de grond.’ Hij leek op die volleyballer. ‘Snel, snel, zunne kop bloeit’.”

Theo valt zijn voormalige compagnon meteen bij: “En de gebroeders Seijkens dan? Voetballend hadden we daar altijd moeite mee. Hans en Marcel, dat waren twee winnaars, ongekende vechtersbazen. We verloren ooit op een bijveld van De Hoef, op een donderdagavond, een inhaalwedstrijd toen ze bij Deurne voetbalden. Zoals gewoonlijk, als we niet konden winnen, werd er van het veld richting kleedkamer flink gebakkest. Met name tegen die twee etters.”

Het jaar erop kwamen Toon en Theo ze met OJC weer tegen. “Toen waren ze naar UDI’19 vertrokken en het was weer volop strijd. Dat begon al voor de wedstrijd, toen we op sportpark Parkzicht klaar stonden om het veld op te gaan”, vertelt Theo. “Toon stond als aanvoerder voorop en die twee van Seijkens vlak daar achter. Die knakkers waren, met name Hans, nogal klein van formaat. Ik riep: ‘Toon, je moet de pupil van de week niet vergeten’ en wees naar Hans. De Heumen (Hans van Heumen, red.) deed er nog een schepje bovenop en ook Toon speelde er op in. Hij reikte Hans de hand en zei: ‘Kom maar menneke, dan mag je mee het veld op.’ Die gasten werden link, fantastisch.”

Nonchalant
Tijdens de wedstrijd werd er uiteraard terugbetaald door de spelers van UDI. “Ze kleunden er flink in en tijdens een opstootje op het veld stonden de gebroeders Seijkens er ook bij. Het ging er flink op, maar Toon maakte, terwijl hij nonchalant zijn scheenbeschermers schoon wreef, de opmerking: ‘Niet met zand gooien, vriend.’ Oftewel: jij kleintje gooit met zand en komt niet hoger dan mijn kuiten. Had je bij moeten zijn… We lachten die gasten recht in hun gezicht uit, waardoor de gemoederen nog hoger opliepen.”

Toon herinnert zich het voorval ook nog goed: “Ik heb toen nog geopperd aan Hans Seijkens dat ie moest gaan solliciteren in Madurodam. Dan kon ie achter mekaar burgemeester worden, hahaha. Ze waren wel goed, maar mentaal moet je tegenover Theo en mij wel van wereldniveau zijn. Wij waren echt niet leuk soms.”

Pizza’s bezorgen
Met UDI vochten de OJC’ers destijds wel vaker onderonsjes uit. “Marcucci speelde daar ook. Die werd helemaal dol als we vroegen hoe laat hij na de wedstrijd met zijn scooter pizza’s moest bezorgen”, lacht Toon. “De enige leuke in dat team was Michael Drummen”, vindt Theo dik 20 jaar na dato. “Dat was ook meteen de enige die bier dronk, de rest zat aan de cola. Wij naaiden hem op dat hij bij ons moest komen voetballen, voor het bier en de gezelligheid.”

Zo ver kwam het niet, maar de twee kregen wel een prima band. “In het jaar dat UDI kampioen werd, speelden wij op zaterdagavond tegen Baronie, hun enige concurrent. Ik had een shirt van Drummen gekregen en onder mijn OJC-shirt gedaan. ‘UDI kampioen’ stond erop. We speelden gelijk, door doelpunten van Rob Toelen en Toon. UDI stond met de hele selectie op de staantribune op De Hoef en had een hoop schik toen ik mijn shirt omhoog deed.”

Foto: Joep von Berg

Geef een antwoord