Maliskamp gaat na periode voor titel

ROSMALEN – Met een 0-6 overwinning op DSS’14 maakte Maliskamp duidelijk dat er in de 4e klasse E maar één club aanspraak maakte op de eerste periodetitel. De nog ongeslagen ploeg uit Rosmalen pakte, mede door een uitglijder van concurrent RKKSV, met overmacht de eerste prijs van het seizoen en dat werd goed gevierd. “Wij gaan duidelijk voor het kampioenschap.”

De eerste reactie van Don Martens was, na afloop van de wedstrijd, dat hij vooral trots was op het team. “We hebben gefocust gespeeld en geen kans weggegeven. We gingen vol voor de periode, hebben veel kansen gecreëerd en terecht gewonnen. De penalty die Mark (van de Ven, red.) er bijvoorbeeld met volle overtuiging in schiet, dat is gewoon genieten (hij gleed uit en de bal ging er ‘toevallig’ nog in, red.). Vanavond staat in het teken van feestvieren en bierdrinken en vanaf morgen gaat de focus weer op de rest van het seizoen.”

Slaan we een gat
Maliskamp speelde alleen gelijk tegen RKKSV en won alle andere zeven competitiewedstrijd tot nu toe. “Met de teams die we nu hebben gehad, staan we verdiend bovenaan”, vindt Martens. “We winnen de wedstrijden zowel op voetbal als op doorzettingsvermogen. Drie ploegen hebben we nog niet gehad. RKTVC is daarvan de enige die bovenin meedraait. Daar mogen we volgende week tegen. Als we die winnen, slaan we een gat. Dan mogen we het uitvechten met de Kruisstraat.”

De uit Heesch afkomstige linkerflankspeler voetbalde een aantal jaar geleden nog in een vriendenteam bij HVCH, maar werd overgehaald om bij Maliskamp te komen spelen. “Het kriebelde weer en uiteindelijk is het een goede keus geweest. Ik kende alleen keeper Bjorn Fransen, die zelf alweer twee jaar vertrokken is. Maar bij deze mannen, daar voel je je thuis. Mooie mensen, mooi team.”

Opsteker
Martens was, met heel Maliskamp, blij verrast dat concurrent RKKSV onderuit ging tegen FC Drunen (0-1). “Niet verwacht, maar een enorme opsteker voor ons. Wij gaan duidelijk voor het kampioenschap, maar zullen iedere wedstrijd het uiterste van onszelf moeten vragen.”