Elf vragen aan… Jens Gordijn

SCHIJNDEL – Rechtsback Jens Gordijn is al sinds zijn vierde verknocht aan RKSV Schijndel. Hij vertelt in deze editie van onze meer dan bekende rubriek over vastbijten, kanariegeel, grote monden langs de lijn, een ‘iets’ betere tegenstander en dromen van een kampioensfeest in het jubileumjaar.

  • Naam: Jens Gordijn.
  • Geboren: 3 september 2001.
  • Club(s): RKSV Schijndel is mijn enige club, vanaf een jaar of vier.
  • Positie: Rechtsback. Ik stond voorheen altijd centraal, maar mijn lengte werkt niet mee.
  • Dagelijks leven: Ik woon in Schijndel en ben aan het afstuderen, dus tegen de tijd dat dit uitkomt heb ik hopelijk werk.
  1. Sterkste/zwakste punt: Ik kan me vastbijten in mijn tegenstander, maar vind voetballen tegen hele kleine, snelle aanvallers soms wel lastig.
  2. Kunst- of natuurgras: Ik speel zelf liever op natuurgras, mits dit een goed veld is uiteraard. Wij trainen zelf op kunstgras, omdat de trainingsvelden niet altijd even best zijn en we met afwerkvormen geen zin hebben om alle ballen uit de sloot te plukken.
  3. Kleur voetbalschoenen: Bij voorkeur zwart, ik ben toch een verdediger. Momenteel groen, maar dat is volledig vanuit financieel oogpunt, haha.
  4. Mooiste tenue en sportpark: Ik kan alleen het kanariegele tenue van RKSV Schijndel noemen natuurlijk. En het sportpark dat in mij opkomt is dat van Margriet; kleedkamers onder de tribune waar je direct het veld oploopt, een mooie kantine en een verhoging van waaruit supporters goed het veld kunnen bekijken. Ook dat van Oirschot verbaasde mij positief afgelopen jaar.
  5. Mooiste voetbalmoment: Kampioen worden in de 3e klasse. Dat brengt je als team toch dichter bij elkaar.
  6. Dieptepunt/grootste blunder: Ik wilde ooit de bal wegschieten – om voor de goal op te ruimen – maar daarbij raakte ik mijn teamgenoot en het leverde een eigen goal op. In een wedstrijd waarin sowieso al niet veel lukte, was dat het dieptepunt.
  7. Opvallendste teamgenoot: Dat is Thomas van Liempd. Dit heeft niks met voetbal te maken, maar hij kwam erbij toen hij een jaar of 17/18 was en vanaf dat moment had hij al de grootste mond van het hele sportpark. Verder wel een hele goede kerel.
  8. Voetbalhumor: Ik hou altijd van supporters of trainers langs de lijn die vroeger dachten dat ze konden voetballen en nu staan te schreeuwen alsof ze Pep Guardiola of Jürgen Klopp zijn. En dan later in de kantine uitleggen hoe het allemaal werkt, met teksten dat ze vroeger in de A1 bij PSV topscorer waren, maar het door een knieblessure niet gehaald hebben.
  9. Wat wil je nog bereiken: In het jaar dat RKSV Schijndel honderd jaar bestaat kampioen worden en daar een gruwelijk feest van maken.
  10. Beste speler uit de regio: Er is mij een speler bijgebleven van Eendracht’30 uit Mook, hun nummer 10. Die kon net iets beter voetballen dan ik helaas… Binnen mijn eigen team geef ik de eer aan Thomas-Jan van Raaij of Stan Guns. Ook Thomas Kastelijn draait een erg goed seizoen.
  11. Opvallendste regioclub: Boekel Sport. Anderhalf jaar geleden werden zij bij ons kampioen in de 2e klasse, wat ik al opvallend vond. Nu draaien ze ook in de 1e klasse goed mee, heel knap.
    Wij zelf draaien een gemiddeld seizoen, waarin we beter zijn gaan spelen. Alles staat dicht op elkaar, dus het kan zomaar nog een leuk jaar gaan worden.
Foto: Cees van Raaij