Elf vragen aan… Gerd-Jan Hooijmans

KERKDRIEL – Een vaste waarde in de achterhoede van derdeklasser DSC is al enkele jaren Gerd-Jan Hooijmans. Een van de fitste spelers van de selectie, met genoeg energie om het hele veld te bestrijken, die zich veel laat horen, soms hele middagen lange ballen staat weg te koppen en voor een wedstrijd zelfs eerder terug komt van vakantie.

  • Naam: Gerd-Jan Hooijmans.
  • Geboren: 19 maart 2001 in ‘s-Hertogenbosch.
  • Club(s): Sinds de F’jes speel ik al bij DSC in Kerkdriel, waar ik ook woon. Samen met een aantal gasten met wie we nu nog samenspelen zijn we gestart bij Anthonie Steenbekkers, de vader van Bjorn Steenbekkers, die ons tot aan de O15 getraind heeft.
  • Positie: Meestal centrale verdediger.
  • Dagelijks leven: Ik ben sinds begin dit jaar afgestudeerd in Tilburg en werk sindsdien in ons familiebedrijf.
  1. Sterkste/zwakste punt: Ik heb een goed spelinzicht en ben redelijk snel. De trucendoos moet ik alleen niet opendoen, dat laat ik liever aan anderen over.
  2. Kunst- of natuurgras: Wij spelen op kunstgras, maar echt gras heeft wel mijn voorkeur. Dat heeft toch echt wel wat meer charme.
  3. Kleur voetbalschoenen: Wit, omdat dat onder ons tenue past. Maar zwarte kicksen zijn ook niet verkeerd.
  4. Mooiste tenue en sportpark: Ik ben wat bevooroordeeld, maar ons eigen blauw-wit is heel mooi. Qua sportpark springt SCG’18 er wel uit en ook ODC heeft een fraai complex.
  5. Mooiste voetbalmoment: Het kampioenschap met de O19 in Helvoirt, waar we – met heel wat mensen langs de lijn – met 1-2 wonnen. Ook het kampioenschap met het eerste, een jaar later, was bijzonder om mee te maken.
  6. Dieptepunt/grootste blunder: In de O19 maakte ik ooit 4 eigen doelpunten in volgens mij 4 of 5 wedstrijden. Geloof dat dat record niet meer te breken is.
  7. Opvallendste teamgenoot: Frank Kaufmann kan de grootste pipo zijn, maar weet ook wanneer we het wél moeten laten zien. Hij traint al meerdere seizoenen jeugdteams en geeft in de winter wel eens skiles. Afgelopen winterstop zijn we de bergen ingegaan en ook daar voelt Frank zich met z’n Zwitserse roots natuurlijk thuis. In de derde helft ontbreekt hij ook niet vaak, waar hij dan op zijn eigen manier vertelt over hoe ie tegen het voetbal aankijkt.
  8. Voetbalhumor: Wanneer onze spits valt, dat het publiek zich dan hardop afvraagt of ze bij hem stenen in z’n zakken gedaan hebben. Altijd mooi, mensen die op hun eigen manier reageren of bezig zijn met wat er gebeurt op of rondom het veld. Zolang dat met een knipoog gaat en je samen een biertje drinkt na de wedstrijd, zijn dat de dingen die het amateurvoetbal mooi maken. Ook de teamuitjes zijn altijd lachen. Deze zomer gaan we naar Griekenland.
  9. Wat wil je nog bereiken: DSC is een club met een hele trouwe en fanatieke achterban. We hebben ook een hecht team, met jongens die elkaar allemaal goed kennen. Vanwege onder meer die dingen sta ik elke zondag met heel veel plezier op het veld en daarom ga ik echt niet weg. We kunnen op termijn de stap maken naar de 2e klasse, daar ben ik van overtuigd.
  10. Beste speler uit de regio: Arda Havar. Die kan aardig ballen, zowel op het veld als in de zaal.
  11. Opvallendste regioclub: Ik vind het knap hoe Alem, met een relatief klein ledenaantal, al jarenlang goed presteert. De derby’s met hen zijn altijd speciaal. Neem de laatste – van 26 mei jl. – bijvoorbeeld maar, waarin we ons op de valreep veilig speelden. De rivaliteit is enorm, maar ik vind het jammer dat Alem zich niet heeft weten te handhaven. Hopelijk mogen we die wedstrijden in de toekomst nog vaak spelen.
Foto: Gerald van Zanten