Uit de krant: Verder zonder ‘Alex Ferguson’

VUGHT – Vorige maand verscheen de eerste 073voetbalkrant en die werd in en buiten onze voetbalregio gretig gelezen. Voor iedereen die hem gemist heeft, plaatsen we de artikelen de komende tijd ook online. We trappen af met het interview dat we afgelopen zomer hadden met Glenn Simon.


Hij leek de Alex Ferguson van Real Lunet te worden, maar na 9 jaar hoofdtrainerschap heeft Glenn Simon het stokje toch doorgegeven. Hij heeft alle vertrouwen in zijn opvolgers, die hij net zulke mooie tijden en successen toewenst. “Ik heb er van genoten, maar ben ook blij dat het achter de rug is.”

Bij toeval rolde Simon eigenlijk in het trainersvak. “Ik ben pas laat gaan voetballen, maar was een scorende spits, die liep op iedere bal. Toen ik zwaar geblesseerd raakte aan mijn knie heb ik een paar jaar gerevalideerd. Tegen alle beweringen in keerde ik daarna toch nog terug op het veld, maar helemaal fit werd ik niet meer. Eerst ging ik het tweede trainen, maar toen Carlo (Derby, red.) tijdens het seizoen vertrok, ging ik voor één wedstrijd op de bank zitten bij het eerste.”

De rest is geschiedenis. Real stond volgens Simon een-na-laatste toen hij instapte, maar versloeg eerst de koploper en won daarna 12 keer op rij. “Ik haalde Bart van de Wiel van het vijfde naar het eerste en die scoorde aan de lopende band. Twee keer vanaf de middenlijn zelfs. We haalden alsnog de nacompetitie, met jongens als Mark Damen, Virgil Nahumury, Romario Syaranamual, Addy van Santvoort en Michiel van Keijsteren.”

Het was de start van een periode waarin Real Lunet opbloeide van een club waar teams vaak liever niet tegen speelden, naar een waar op voetballend gebied rekening mee gehouden moest worden. In twee jaar tijd gingen de Vughtenaren van de 4e naar de 2e klasse. “Goede voetballers als Pieter Schrassert Bert, Sam van Doremalen en Arda Havar kwamen naar ons. En later Bas van den Berk, die jaren in de hoofdklasse had gespeeld. Overal bleef ie maar één seizoen, maar bij ons heeft ie wel 5 of 6 jaar gevoetbald. Dat was echt een mooie tijd. ’s Avonds samen op stap en op zondag was het ook altijd gezellig, of we nou hadden gewonnen of verloren. We waren echt een eenheid. Bij een trouwfeest was het hele team aanwezig, maar ook bij een begrafenis.”

Palmares
Simons palmares liegt er niet om: 3 kampioenschappen, 3 keer winnaar van het Bossche zaalvoetbaltoernooi, 3 keer won hij de Bossche Cup (het voorbereidingstoernooi voor regioclubs) en 4 keer werd de nacompetitie bereikt. “Ik werd ook ‘Trainer van het Jaar’ bij jullie gala. En dan vergeet ik nog bijna de finale van de Brabant Cup. Die verloren we pas in de laatste tien minuten van Kozakken Boys. In de halve finale schakelden we OJC uit, door een winnende goal van Kiley Thijs.”

Eén keer degradeerde Real ook onder de hoede van de in Rosmalen woonachtige coach, die het heel wat jaren samen deed met assistenten Paul van der Loo en Toon van Uden. “Toen gingen we iedere training volle bak, we wisten dat het een moeilijk jaar was, maar vijf van m’n beste spelers – jongens als Sam, Jeremy de Fretes en Lucas Stilmant – vielen weg door blessures. Daar was niet tegenop te knokken.”

Het laatste jaar was zwaar, geeft Simon eerlijk toe: “Ik ben héél blij dat we in de 2e klasse zijn gebleven. Dat was echt een smet op mijn carrière geweest, als dat niet was gelukt. Het is wel een wonder, want we speelden noodgedwongen met een mengelmoes van het eerste, tweede en derde elftal en jongens van de JO17. Gelukkig kwam Justin (Tahapary, red.), die eigenlijk al gestopt was, ons de laatste wedstrijden helpen. Was meteen weer de beste, een echte sportman en goede aanvoerder. Maar het zei genoeg dat na de handhaving iedereen binnen een halfuur naar huis was. Voorheen was er vuurwerk en een discotheek geweest om dat te vieren. Ik geef toe dat ik er vorig seizoen regelmatig minder zin in had. Heb er dan ook vrede mee dat ik al had aangegeven er mee te stoppen. Carlo komt weer terug en gaat het met ondersteuning van Donny de Fretes overnemen. Hij is de juiste man om voor zo’n groep te staan. Veel jongens hebben toch een gebruiksaanwijzing – de charmes van een club als Real – en daar moet je als trainer mee om kunnen gaan.”

Klaargestoomd
Aan een voorspelling waagt Simon zich niet: “Er zijn best veel nieuwe spelers gekomen en ik ken ze lang niet allemaal. Maar de broertjes Belhaj, die ik nog ken van een van onze kampioensjaren, komen terug en dat zijn geen koekenbakkers. Zij hebben ook nog een paar goede voetballers uit Eindhoven meegenomen. Met het eerste komt het sowieso wel goed. Ik ben vooral trots dat we zoveel spelers hebben klaargestoomd voor topklassers en zelfs profclubs. Arda ging bijvoorbeeld van ons naar FC Den Bosch, Dammyano Grootfaam naar Kozakken Boys en Sam naar OJC.”

Afgelopen zomer zijn er ook weer drie jeugdspelers naar Helmond Sport, eentje naar NAC en een naar Willem II vertrokken. “Prachtig vind ik dat. Ik ben verder blij dat ik Real financieel heel gezond kan achterlaten. Alle sponsors die ik binnenhaalde blijven de club trouw. Zelf blijf ik het vast nog van bovenaf in de gaten houden, maar ik heb vol vertrouwen in het nieuwe bestuur. Jonge gasten, met nieuwe initiatieven voor de toekomst van Real Lunet, waar ik echt een goed gevoel bij heb.”

Foto: Gerald van Zanten