Uit de krant: Voetballeven Jan van Grinsven

DEN DUNGEN – Voor iedereen die de eerste 073voetbalkrant heeft gemist, plaatsen we de interviews die daar in te lezen waren ook online. Dit keer het artikel over het voetballeven van Jan van Grinsven, die er afgelopen zomer écht een punt achter heeft gezet.


Hij speelde bijna 500 wedstrijden in het betaalde voetbal, was jarenlang trainer in het regionale amateurvoetbal en mag een waar icoon van het 073voetballandschap worden genoemd. Maar aan het actieve tijdperk van Jan van Grinsven is toch echt een einde gekomen. Nog één keer vertelt de 62-jarige Dungenaar het geweldige verhaal over zijn voetballeven.

Een introductie is voor Van Grinsven eigenlijk niet nodig. Als mister FC Den Bosch speelde hij, onderbroken door een paar jaar MVV, meer wedstrijden dan wie dan ook voor de Bossche voetbaltrots. “De bekerfinale in de volle Kuip was natuurlijk geweldig om mee te maken. En verder is de promotie – begin jaren 80, naar de eredivisie – een hoogtepunt. Ik moest toen in de nacompetitie invallen voor Hans van der Pluijm, die al jaren onder de lat stond, en uit bij Cambuur dwongen we promotie af. 23 jaar was ik toen pas, maar ik werd daarna wel meteen eerste keeper in de eredivisie.”

Oranje en omhaal
Tussen 1979 en 1999 genoot hij van een profcarrière die voor maar weinigen is weggelegd. Het kwam zelfs tot een uitverkiezing voor het Nederlands elftal. “Dat was in maart 1986, toen ik bij de uitwedstrijd tegen de DDR op de bank zat. Joop Hiele stond op doel en het werd 1-1”, weet hij nog precies. De meeste voetballiefhebbers kennen Van Grinsven van een wereldberoemd tegendoelpunt; de prachtige omhaal van Marco van Basten. Daar kon hij destijds zelf niet van genieten. “Inmiddels wel, hoor. Maar we waren op dat moment beter dan Ajax, de gelijkmaker hing in de lucht in stadion De Meer. Helaas besloot Van Basten anders.”

Koprol van blijdschap
Kenners zullen weten dat Van Grinsven zélf ook ooit scoorde. “In de beker, thuis tegen Roda JC”, rakelt de Dungenaar de anekdote nog maar een keer op. “Ik was al een keer eerder door Rinus Israël mee naar voren gestuurd, maar de tweede keer was het raak. Er kwam een voorzet van Cor Adriaanse of Gerard Aichorn, dat weet ik niet meer precies, en ik stond klaar om binnen te tikken. Als ik die gemist had, was ik gestopt, haha. Ik heb mijn kinderen later die goal nog wel eens terug laten zien en die lagen dubbel om de manier van juichen. Op dat moment had ik geen idee wat ik deed, maar ik maakte van blijdschap een koprol en op weg terug naar mijn eigen doel juichte ik heel overdreven voor de scheidsrechter.”

Niks voor jou?
Toen zijn carrière als keeper ten einde liep, sloot Van Grinsven meteen aan bij de staf van FC Den Bosch. “Ik werd assistent- en keeperstrainer en dat heb ik jarenlang met veel plezier gedaan. Later ben ik ook trainer geworden in het amateurvoetbal. Hoe dat zo kwam? Nou, op een gegeven moment moesten Wim van der Horst en ik met 20 uurscontract verder bij Den Bosch. Ik vroeg hem wat hij in de vrijgekomen uren ging doen en Wim zei: ik denk dat ik een amateurclub ga trainen, is dat ook niks voor jou? Dat leek me wel wat en via mijn oudste broer, die toen voorzitter van RKVV Den Dungen was, was het snel geregeld.”

In die beginperiode bij de amateurs speelde Lange Jan met de club uit zijn woonplaats (waar hij zelf ooit was begonnen met voetballen) meteen tegen RKVV Sint-Michielsgestel. “Daar was Wim aan de slag gegaan, dus dat waren mooie wedstrijden. Uit speelden we gelijk en thuis kwamen we met 2-0 voor. Toen werd Wim zó link, zo heb ik hem zelden gezien. In de rust pepte hij zijn jongens zó ongelofelijk op dat we in de tweede helft kansloos waren en in alle commotie alsnog met 2-3 verloren. Dat was wel een prachtige tijd.”

Thuis al afgepakt
Na drie jaar Den Dungen volgde GDC uit Eethen. “Ik wilde op zondag vrij zijn en zocht dus iets in het zaterdagvoetbal. Na het eerste seizoen was ik al rond voor nog een jaar, maar toen kwamen we weer fulltime in dienst bij Den Bosch en mochten we er geen amateurclub meer bij doen.”

Een paar jaar later, toen er weer uren ingeleverd moesten worden, pakte Van Grinsven het hoofdtrainerschap weer op bij BMC. Ook daar heeft hij nog een schitterende anekdote over: “We speelden tegen Den Dungen, waar mijn zoon Loek inmiddels in het eerste elftal voetbalde. Het was toen al verboden om je shirt uit te doen na een doelpunt, maar hij had vooraf aan de scheidsrechter gevraagd of die een uitzondering wilde maken. We stonden al achter, maar in de slotfase maakte uitgerekend Loek er nog 5-2 van. Hij kwam meteen naar mij toegerend en liet een shirt onder zijn wedstrijdshirt zien, waarop stond: ‘Papa, ben je trots?’ Tuurlijk was ik dat. En nog steeds. Maar hij had geluk dat ik niets van dat shirtje af wist, anders had ik het natuurlijk thuis al afgepakt.”

Zware teleurstelling
Vijf jaar geleden zwaaide Van Grinsven af in Berlicum. “En toen was ik eigenlijk van plan om helemaal te stoppen als trainer. Maar een paar jaar later, toen ik het niet meer zo naar mijn zin had bij FC Den Bosch – de cultuur was aan het veranderen – kwam er toch weer iets op mijn pad.” Al jarenlang belt iemand van Roda Boys regelmatig met de ‘Sliert van de Vliert’, zo legt die laatste uit: “Gewoon om te sparren over van alles en nog wat binnen het voetbal. Toen hij me vroeg of ik soms een trainer voor zijn club wist, zei ik: ja, dat wil ík wel komen doen.”

En zo geschiedde. De afgelopen twee jaar was Van Grinsven bij de zaterdag tweedeklasser uit het Gelderse Aalst weer als vanouds bezig op en langs het veld. “We hadden in mijn eerste seizoen echt een goeie ploeg en begonnen ook goed, met 7 punten uit de eerste 3 wedstrijden. Maar helaas bleef het daar door corona bij. Afgelopen jaar was een zware teleurstelling voor mij. We hebben eigenlijk het hele seizoen goed meegedaan. Samen met SVW stonden we op een gegeven moment bovenaan, met 9 punten voorsprong op de nummer 3. En toch gaven we dat nog uit handen, de nacompetitie zat er zelfs niet in. Heel jammer dat twee mooie jaren zo teleurstellend eindigden.”

Iets teveel last
Halverwege het seizoen had Van Grinsven al aangegeven dat hij er, wegens gezondheidsredenen, toch echt mee zou stoppen. “Ik heb artrose en daar heb ik simpelweg iets teveel last van in de wintermaanden. Bij lekker weer is allemaal geen probleem, maar op natte, koude trainingsavonden is het niet fijn meer om op het trainingsveld te staan.”

Vervelen gaat hij zich echt niet, zegt hij desgevraagd: “We hebben twee kleinkinderen en het derde komt er ieder moment aan. Daar gaan we volop van genieten. En ik zal vast nog wel eens bij Roda Boys gaan kijken, zeker nu onze Loek daar gaat voetballen. Nee, dat is niet via mij gegaan. Hij belde me op om te vertellen dat hij met de club in gesprek was. Hij vond het moeilijk om weg te gaan bij Den Dungen en vroeg me om advies. Ik heb gezegd: je bent 27 en trots ben ik toch wel op je, de keuze is aan jou. Een week later belde hij weer, om te zeggen dat ie de overstap waagde. Hij gaat afsluiten bij Den Dungen, daar heb ik geen twijfel over. Blijft toch zijn club. Maar ik heb zelf in het betaalde voetbal mogen spelen en ik begrijp heel goed dat Loek ook eens wil kijken waar zijn lat ligt.”

Foto’s: Gerald van Zanten