Rody van Gaal: terug op het oude nest
GEMONDE – Na wikken en wegen besloot Rody van Gaal afgelopen zomer tóch terug te keren bij v.v. Irene. Bij de naar de 4e klasse gepromoveerde club uit Gemonde leerde de spits het voetballen en dat liet hij het afgelopen decennium zien bij RKVV Sint-Michielsgestel en SCG’18. Nu is hij terug, om als routinier mee te strijden voor handhaving. “Nog één seizoen, of misschien twee, fit blijven.”
Zijn voetballende jeugd doorliep Van Gaal in zijn woonplaats Gemonde. Op z’n twintigste besloot ie het hogerop te gaan proberen, bij de grote broer in Gestel. “Vorig jaar ben ik daar nog paar keer belangrijk geweest, toen we streden om de nacompetitie te ontlopen.” Toch knaagde het bij Van Gaal dat hij niet heel veel in actie kon komen. “Ik was ook regelmatig geblesseerd en had me voorgenomen om in het tweede te gaan spelen. Maar daar ben ik denk ik toch nog te fanatiek voor. Mede omdat de selectie er heel anders uit kwam te zien, besloot ik terug te gaan naar Irene.”
De club waar zijn roots liggen, promoveerde afgelopen seizoen – voor het eerst sinds mensenheugenis (1970) – naar de 4e klasse. Dat leek Van Gaal een extra mooie uitdaging. “We hebben een redelijk jong team. Met Nick Vliegenthart en Jorick de Vos, die allebei ook in Sint-Michielsgestel hebben gevoetbald, hoor ik bij de ouderen. Er is weinig tot geen verloop, dus het team speelt al diverse jaren samen. Onder leiding van nieuwe trainer Youssef Laaroussi gaan we dit seizoen zeker stappen maken. Hij coachte voorheen Blauw Geel’38 JO19-1, dus weet hoe hij de jonge gasten het beste kan benaderen en wat bij kan leren.”
Visitekaartje
Zelf is Van Gaal de nieuwe spits van het elftal. “Veel andere posities zijn ook niet voor mij weggelegd”, lacht de clubtopscorer, die met zijn drie treffers tijdens de competitiestart tegen Tivoli (5-2) meteen z’n visitekaartje afgaf. “Het voetbal in de 5e klasse gaat vaak gepaard met fysieke strijd. Het is en blijft lastig om daar uit te komen, dus mooi dat dat gelukt is. Fysiek hebben wij niet de sterkste ploeg, maar voetballend moeten we het in de 4e klasse ook zeker kunnen laten zien.”
Afgelopen zondag volgde een 3-0 nederlaag tegen Pusphaira. “We moeten wel de hele competitie scherp blijven om handhaving te realiseren. Die aangepaste degradatieregeling maakt het er voor ons niet makkelijker op, maar in mijn ogen moet een achtste plek haalbaar zijn. Voor veel ploegen zijn we een nieuwe tegenstander, waarvan ze niet goed weten wat ze ervan kunnen verwachten. Dat zou in ons voordeel uit kunnen vallen.”
Zelf nog getraind
Zondag wacht RKSV Boxtel, waar Van Gaal al vaker tegen gespeeld heeft. “Toen nog met Gestel, tegen Pascal van den Brand, die nu assistent-trainer bij ons is”, zegt hij. Het derby gevoel leeft zeker bij Irene. “Mede doordat oud-trainer Michael van de Wal daar nu trainer is. Die heeft onze groep de afgelopen vijf jaar onder zijn hoede gehad en laten promoveren. Hij kent alle jongens dus als de beste. Ik heb trouwens de meeste jongens waarmee ik nu voetbal zelf ook nog getraind, in de E’tjes.”
Irene wil laten zien dat het 4e klasse waardig is. “En dat we tegen Boxtel resultaat kunnen behalen. Zeker aangezien het kermis is komend weekend – en dat is natuurlijk het beste feestje met een overwinning.” Van Gaal verwacht weer heel wat publiek langs de lijn. “De beleving binnen de club is goed. Er gingen bijvoorbeeld twee volle bussen mee naar de promotiewedstrijd van afgelopen seizoen. Ze zijn bezig met een nieuwe accommodatie, waarbij de kantine met zicht op het hoofdveld gebouwd moet gaan worden.”
Enigszins van waarde
Van Gaal heeft altijd gezegd nog een keer terug te komen naar Irene. “Nu ik in december 30 word, leek het me een mooi moment om misschien nog enigszins van waarde te kunnen zijn. Hopelijk lukt het op iets lager niveau – en op gras in plaats van kunstgras – om fit te blijven en nog één keer een seizoen, of misschien wel twee, in het eerste te kunnen spelen.”


