Elf vragen aan… Francois Toonen

WELL – Drie keer in de week rijdt Francois Toonen vanuit Berlicum naar Well om daar nog altijd te genieten van het spelletje en alles er omheen. “Is maar twintig minuten en ik ben het gewend om wat langer te rijden.” Via Remy Schouwenaar, met wie hij bij NOAD’32 voetbalde, kwam de aanvaller bij de vijfdeklasser terecht. “Ik was eigenlijk gestopt, maar Remy vroeg me naar Well te komen, omdat hij er begon aan zijn trainerscarrière.” Van zijn keuze van toen heeft Toonen zeker geen spijt.

  • Naam: Francois Toonen.
  • Geboren: 18 maart 1986 in Utrecht.
  • Club(s): Twee jaar BMC, twee jaar Everstein, acht jaar Altena, drie jaar NOAD’32, een seizoen Raamsdonk en nu voor het vierde jaar bij mijn huidige club WSV Well.
  • Positie: In mijn beste jaren een flitsende rechtsback, momenteel een ietwat luie, balvaste spits.
  • Dagelijks leven: Ik woon sinds vijf jaar weer in Berlicum, met mijn vrouw en twee zoons, Dani van 9 en Lasse van 6 jaar oud. Buiten het voetbal speel ik graag een potje padel en ik werk als salesmanager bij een zonnepanelenbedrijf.
  1. Sterkste/zwakste punt: Ik ben ontzettend snel, kan goed koppen en heb een uitstekend linker- en rechterbeen. Mijn zwakke punt is een stukje zelfreflectie.
  2. Kunst- of natuurgras: In onze klasse speel ik het liefst op kunstgras. Op het natuurgras in de 5e klasse verstuikt menig koe haar enkel.
  3. Kleur voetbalschoenen: In mijn jongere jaren waren kleuren wel gaaf, maar nu is het zwart.
  4. Mooiste tenue en sportpark: Ons tenue in de C1 van BMC in 1997, gestreept met fluor geel en zwart. Heerjansdam heeft wel een fantastisch hoofdveld, omringd door bomen en een brede tribune/kantine.
  5. Mooiste voetbalmoment: De promotie naar de 1e klasse met Altena, na een 5-1 thuisoverwinning op het Zeeuwse Duivenland. Dat ik als veldspeler van Altena, na een rode kaart van onze keeper Marien van de Heuvel, tegen Stedoco een penalty pakte, was ook een mooi moment.
  6. Dieptepunt/grootste blunder: De kruisbandblessure op mijn 28e. Verder een actie tegen Roda Boys. Ik kwam 1-op-1 voor een keeper van 1 meter 59, kreeg die met een schijnbeweging op zijn knieën en wist hem alsnog in zijn handen te stiften…
  7. Opvallendste teamgenoot: Justin Groeneveld. Toen ik vier jaar geleden bij Well kwam, woog deze ‘technische 10’ nog geen vijftig kilo en hield ik mijn hart vast als de wind op kwam zetten. Leuk om te zien hoe hij afgelopen jaren is gegroeid en zich meer dan staande weet te houden in een vrij fysieke competitie. Buiten dat is Justin, samen met zijn broer Jaylin, een echte clubman.
  8. Voetbalhumor: Ik rende ooit – in enkel een tussen de billen getrokken gele boxer en “geef mijn kleren terug!” roepend – door een drukke winkelstraat van Amsterdam, achter een teamgenoot aan die mijn kleren had ‘gestolen’.
  9. Wat wil je nog bereiken: Ik heb de afgelopen twintig jaar in de 1e tot met 5e klasse mogen spelen. Mijn grootste doelstelling in de nadagen van mijn carrière is het overbrengen van m’n ervaring en kennis op onze talentvolle jeugd en deze fantastische club zo goed als mogelijk achterlaten.
  10. Beste speler uit de regio: Gerwin van den Boom, aanvoerder van EVVC. Op zijn 38e nog steeds de beste in zijn klasse.
  11. Opvallendste regioclub: BMC Berlicum, mijn oude club waar ik inclusief de jeugd veertien jaar gespeeld heb. Ze staan – aan de hand van assistent-trainer Richard de Laat, goede vriend van mij – strak bovenaan in de 4e klasse.
Foto: Gijs van Tuijl