Uit de krant: Knollenveld in Helvoirt
HELVOIRT – In dertien jaar tijd heeft hij nog niet één keer verstek laten gaan. Gerard Meijer (75) is een van die vele stille krachten die er achter de schermen van iedere voetbalclub voor zorgen dat alles op rolletjes blijft lopen. Maar als hij eenmaal op zijn praatstoel zit… Afgelopen zomer plaatsten we zijn uitgebreide verhaal in de 073voetbalkrant.
Met de onderhoudsploeg verzamelt Gerard zich iedere maandagochtend op het sportpark van v.v. Helvoirt. “De grasvelden walsen, de bermen maaien, het kunstgras borstelen, de kleedkamers schoonmaken, bij een voetbalclub is altijd wel iets te doen”, zegt hij. En een kop koffie drinken natuurlijk. “Met de helft van de tijd een traktatie, als er weer iemand jarig is”, lacht Gerard. “Het is ook een sociaal team, we houden elkaar continu voor de gek. Wat wij allemaal tegen elkaar uitkramen, daar snapt een ander niks van.”
Ze zijn met twaalven, waarvan een aantal eveneens op vrijdag in touw is. In deze periode komt daar voor Gerard ook de woensdag nog bij. “Augustus en september zijn de beste groeimaanden, dus moet het gras nu drie keer per week gemaaid worden. Gelukkig kan ik mijn eigen tijd indelen, ik ben al zestien jaar thuis.”
Foute boel
In de driekwart eeuw dat hij op de aardbol is, maakte Gerard heel wat mee. Al op jonge leeftijd werd hij deels afgekeurd. “Tijdens mijn tijd als speler van Helvoirt 1 zat ik altijd met m’n knieën te kloten. Todden erom, de hele week liep ik mank. Toen ik na jaren toch maar eens naar de specialist ging, bleek mijn kruisband helemaal te zijn verteerd.” Hij vond een deeltijdbaan in de zonwering, maar werd op een dag meteen bij aankomst alweer naar huis gestuurd. “Twee ziekenwagens voor de deur, dus dat was foute boel. Mijn vrouw Dianne, een stuk jonger dan ik, had een acute hartstilstand gehad. Ik bleef achter met twee kinderen op de lagere school.”
Gerard stopte helemaal met werken en werd een paar jaar later door de voetbalclub benaderd. “Ben er bijna zestig jaar lid, was leider van het eerste en tweede elftal, van de jeugd, het is gewoon m’n club. Mijn vrouw was nog erger. Die was jeugdvoorzitter en zou de voorzitter gaan opvolgen. Helaas kwam het niet zover.” Toen men voorstelde dat hij wel iets kon betekenen in het onderhoud van de velden, ging de vervroegde pensionado snel overstag. “De verenigingen moesten er, van toen nog de gemeente Haaren, meer zelf aan gaan doen. We kregen een maaimachine van 18.000 euro en ik dacht: hoe moeilijk kan dat zijn? Nou, er bleek helemaal geen stuur op te zitten, je moet sturen met twee palen. Ik reed de eerste keer de hoekvlaggen eraf, maar inmiddels kan ik er mee lezen en schrijven.”
Knollenveld
De velden liggen er tegenwoordig ook veel beter bij. “Vroeger was het halverwege het seizoen een zandvlakte. Van de zomer hebben we ook weer veel commentaar gekregen. ‘Komt dat wel goed met die velden?’ Maar ze moeten niet zo piepen, wij kennen dat precies. Met die kale plekken is het allemaal goed gekomen. Op het niveau waarop we nu voetballen, hebben we toch niet meer dan een knollenveld nodig, haha.”
Gerard snijdt een kritisch punt aan. Hij gaat iedere thuiswedstrijd kijken, met aansluitend natuurlijk de derde helft, en zag het eerste elftal afglijden. “In een goed jaar tijd zijn we twee klassen naar beneden geknald. We hadden een heel goed team, maar dat zijn inmiddels allemaal dertigers. De doorgestroomde jeugd doet haar uiterste best, maar komt helaas tekort. Ach, dit seizoen spelen we weer mooi in de buurt, tegen Esch en Biezenmortel. Onze Max is vanwege zijn werk officieel gestopt bij de selectie, maar als ie invalt, is ie meteen een van de beteren.”
Alle reden dus om in het weekend naar de club te blijven gaan. “En ook doordeweeks blijven we maar een beetje doormodderen. Mijn kinderen zeggen dat ik meer op het sportpark doe dan thuis. Je hoort vaker mensen zeggen dat de vereniging op één staat, toch?”

