‘Waar we er eentje tekort komen’
LIEMPDE – Een van de weinige oudgedienden in de selectie van DVG was Sander van de Ven. De 31-jarige verdediger heeft inmiddels de handdoek gegooid. Hij liep veertien seizoenen mee in het eerste elftal. “Nog wel”, vertelde hij al in de 073voetbalkrant van afgelopen voorjaar. “Kunstgras is niet per se goed voor je benen en rug, kan ik je vertellen.”
Een stille kracht mogen we hem wel noemen. Iemand die binnen de lijnen zéker van toegevoegde waarde is, maar daarbuiten niet zo op de voorgrond treedt. “Mijn naam komt niet vaak voorbij in wedstrijdverslagen, nee”, lacht Van de Ven wanneer we eerlijk opbiechten dat er niet meteen een belletje ging rinkelen toen zijn naam werd geopperd. “De laatste jaren sta ik ook redelijk vast in de achterhoede, dus dan komt je naam sowieso wat minder snel voorbij.”
Wel is het nog steeds ontzettend sterke en snelle verdedigingsbeest, zoals zijn trainer hem omschrijft, er dus al veertien seizoenen zo goed als altijd bij. “Begonnen als nummer 6, daarna een paar jaar op het middenveld gestaan en zelfs een tijdje rechtsbuiten geweest. Probeersel, een jaar of acht à negen geleden, toen we geen buitenspeler aan de rechterkant hadden. Bleek niet echt een doorslaand succes, haha.” Tegenwoordig speelt Van de Ven zijn wedstrijden ‘gewoon’ centraal achterin. Alhoewel. “Af en toe sta ik links- of rechtsback en soms nog op het middenveld. Eigenlijk kan ik overal wel uit de voeten, als het maar niet voorin is. Maar waar ze me nodig hebben, daar zal ik er staan voor het team. Vaak is dat op de plek van iemand die geblesseerd is of waar we er ergens eentje tekort komen. Zo heb ik dit jaar ook alweer alle posities achterin gehad. Laatst stond ik zelfs weer rechts voorin.”
Op welke plaats dan ook, Van de Ven is de laatste seizoenen een van de weinigen met een bonk ervaring aan DVG-zijde. “Vier jaar geleden stopten veel ervaren spelers bij de selectie en bleef ik over. Roy Groenendaal kwam er, vanuit Sint-Michielsgestel, nog wel bij. Twee jaar ouder dan ik en dus ook ervaren, maar die kampt nogal met blessures. Na hem ben ik de oudste tegenwoordig. Begin ik fysiek wel te merken, dat ik de dertig ben gepasseerd. Vaker last van pijntjes, kleine blessures. Vooral kunstgras, waar wij zelf trouwens wel beter op voetballen, blijkt niet per se goed voor je benen en rug.”
Tussenstap
Al vanaf de mini’s is onze gesprekspartner een DVG’er. Ook toen hij Liempde verliet, twijfelde hij geen seconde aan het achterlaten van zijn club. “Met de oorspronkelijk uit Zutphen afkomstige Jitske – inmiddels mee getrouwd – heb ik drie jaar in Den Bosch gewoond. Bij het Paleiskwartier in de buurt, mooie tussenstap.” De koers ging meerdere keren per week naar het dorp waarin hij opgroeide. Met of zonder liefde. “Jitske mist niet veel wedstrijden van mij. Ze heeft vroeger zelf ook gevoetbald. In Den Bosch gingen we ook af en toe naar FC kijken, mooi op de fiets. Maar mijn werk en eigen bedrijfje in de handel zijn allebei in Liempde, dus daar wonen we nu weer. Stuk praktischer, ook voor het voetballen.”
Analyseren
Bij DVG is de multifunctionele speler terechtgekomen in misschien wel de meest talentvolle lichting ooit. “Veel jonge spelers werden in de jeugd al getraind door Brord (van de Sande, red.). Goede trainer, echt. Ik heb er aardig wat gehad, maar op tactisch niveau is hij sterk. Tegenwoordig gaat het er, met het opnemen van wedstrijden, ook heel anders aan toe dan een jaar of tien geleden. Beeldmateriaal laat vaak goed zien waar het fout gaat – of goed natuurlijk. Daar is Brord aardig bedreven in, dat analyseren.”

