Elf vragen aan… Bjorn Steenbekkers

KERKDRIEL – Stap voor stap is Bjorn Steenbekkers steeds een linie teruggeschoven in het veld. De 24-jarige verdediger van DSC overleefde twee kruisbandblessures, heeft een ‘grote clown’ als teamgenoot, hield een andere ploegmaat wekenlang voor de gek en houdt niet van ‘lollyschoenen’. Tijd om hem beter te leren kennen.

  • Naam: Bjorn Steenbekkers.
  • Geboren: 3 maart 2001 in Kerkdriel.
  • Club(s): Op m’n vierde begon ik al met trainen bij DSC. Vanaf vijf jaar mocht je pas echt starten geloof ik, maar mijn vader was jeugdtrainer bij een F-elftal, waardoor ik al wat trainingen mee kon pikken.
  • Positie: In de jongste jeugd begonnen als spits, later op het middenveld gespeeld en nu al een aantal jaar verdediger in het eerste. Steeds een plekje terug dus. Ik denk dat onze keeper zich langzaam zorgen moet maken.
  • Dagelijks leven: Ik woon in Kerkdriel en werk in Rossum op kantoor, bij een bedrijf wat in de beursstands en interieurbouw zit.
  1. Sterkste/zwakste punt: Ik ben sterk in duels en heb een aardige pass. Wat ik alleen echt niet kan, is koppen. Niet geheel onbelangrijk als verdediger, haha. Maar ik heb de bal toch liever aan mijn voeten.

  2. Kunst- of natuurgras: Een goede grasmat blijft het lekkerste, maar zelf spelen wij op kunstgras. Voordeel is wel dat je bijna altijd kunt voetballen.

  3. Kleur voetbalschoenen: Ik vind witte voetbalschoenen het mooist onder ons tenue. In ieder geval geen ‘lollyschoenen’, met felle kleurtjes, zoals onze assistent-trainer Patrick Theuwis ze noemt, haha.

  4. Mooiste tenue en sportpark: Ons eigen blauw-witte tenue natuurlijk. En het sportpark van Nivo Sparta vind ik het mooiste in de regio. Hun tribune, met kleedkamers eronder en kantine erboven, is wel iets wat ik ooit graag bij DSC zou zien.

  5. Mooiste voetbalmoment: In de jeugd meerdere keren kampioen geworden, maar de titel met DSC 1 staat me het meest bij. Toen nog als jeugdspeler, maar dat maakte het niet minder mooi. Twee dagen lang geweldig gefeest. Zelfs de maandag zat vol met activiteiten.

  6. Dieptepunt/grootste blunder: Ik heb twee keer een kruisbandblessure gehad. Dat heeft me wel aan het denken gezet over mijn manier van spelen, die toen nogal wild was. Uiteindelijk heb ik er wel van geleerd.

  7. Opvallendste teamgenoot: Dan kies ik Frank Kaufmann. Een ontzettend grote clown op en naast het veld, maar ook iemand met de meeste passie voor voetbal. Het meest opvallend vind ik zijn inzet voor de club. Een jongen uit Zwitserland die na jaren als jeugdtrainer nu HJO wordt bij de jeugdopleiding, dat is toch bijzonder en mooi om te zien.

  8. Voetbalhumor: Na een hele dag in de kantine besloten we nog even door te gaan. Onderweg van de kroeg naar huis gooide Gerd-Jan Hooijmans de tas met tenues bij mij voor de deur. Samen met onze toenmalige leider Marc Brekelmans maakten we hem daarna wijs dat ze waren gejat. Het ging om ons uittenue, dus dat konden we lang volhouden. Marc deelde zelfs twee nieuwe ontwerpen in de groep en liet ons stemmen. Genieten om Gerd-Jan wekenlang te zien zweten.

  9. Wat wil je nog bereiken: Zou geweldig zijn om met deze groep naar de 2e klasse te promoveren. We hebben wisselvallige jaren gehad, maar ik geloof dat wij dat ooit kunnen halen. Met een groot deel van het eerste speel ik al sinds de F’jes samen, prachtig om daar een promotie aan toe te voegen.

  10. Beste speler uit de regio: Onze eigen Quincy de Kleijn. Die heeft een geweldige techniek, speelt zich er op een vierkante meter onderuit en is ook fan van een panna uitdelen. Als verdediger weet ik hoe frustrerend dat is, dus ik kan er extra van genieten als hij er een geeft, haha.

  11. Opvallendste regioclub: Nieuwkuijk. Een klein dorp met een sterk eerste elftal, dat met veel eigen spelers de stap van de 3e naar de 2e klasse maakte en daarin vorig seizoen knap presteerde. Mooi voorbeeld voor ons.


Foto’s: Nerissa Seebregts