Piet wil Avanti voor geen goud missen

SCHIJNDEL – Op donderdagavond rond een uur of negen is de kans groot dat hij al in de kantine zit. Biertje bij de hand, praatje over voetbal of het laatste nieuws uit het dorp. Avanti’31 is dan meer dan die negentig minuten op het veld, daar weet Piet van Vorstenbosch alles van.

De 65-jarige Schijndelaar is al jaren een vaste waarde binnen de zeskoppige staf van het eerste elftal. Van Vorstenbosch is onlosmakelijk verbonden met Avanti. En dat terwijl hij tot en met de A1 in Dongen voetbalde. De ontelbare economielessen, die hij gedurende 41 jaar gaf op het Elde College, lieten hem verhuizen naar Schijndel. Inmiddels is hij vervroegd met pensioen en helemaal vergroeid. “Met het dorp én met de club.”

Het begon als voetbalvader langs de lijn. “Ik stond elke zaterdagochtend met mijn camera bij mijn zoons.” Hij werd leider van de C1. “Alle wedstrijdformulieren nog met de hand invullen, weet ik nog goed.” Later volgde ook de A1. En omdat hij op zondag toch al vrijwel altijd bij het eerste ging kijken, rolde hij vanzelf ook daar de staf in. “Inmiddels alweer een jaar of twaalf geleden. Ik zei wel meteen: ik ben geen traditionele leider. En maak me alsjeblieft niet verantwoordelijk voor het materiaal.” Niet zonder reden. “Bij de A1 ging het ooit mis. We kwamen er halverwege de heenreis achter dat de tenues nog in Schijndel lagen.”

Hechte staf
Bij het eerste elftal hoeft hij daar niet meer bang voor te zijn. “Tonnie Kastelijn regelt alles op de wedstrijddagen. Ik hoef alleen het formulier te doen, de pupil van de week naar de kleedkamer te begeleiden en foto’s te maken. We hebben echt een staf om door een ringetje te halen. Allemaal verschillende types, maar het klikt enorm goed. Iedere donderdagavond bespreken we de week. Onze grensrechter Frank Gevers, verzorger Jan van Boxtel en ik zitten dan rond negen uur al in de kantine. Later schuiven trainers en spelers aan. Dan gaat het allang niet meer alleen over voetbal. We zijn niet voor niets een dorpsclub.”

Volgens Van Vorstenbosch (tweede van links op de foto) is dát precies wat Avanti zo bijzonder maakt. “Warme, sociaal en er gebeurt ontzettend veel. Het damesteam organiseert bijvoorbeeld iedere zes weken een clubavond. Mooi om te zien hoeveel mensen tijd in de club steken. Ik lees wel eens dat ze elders vrijwilligers met een loep moeten zoeken. Daar hebben wij gelukkig geen last van.”

Turbulente seizoenen
Zelf draagt hij ook meer dan zijn steentje bij. Momenteel zelfs extra veel. Samen met Jan van Boxtel werkt Piet aan een boek over de vijf turbulente seizoenen die Avanti achter de rug heeft. “Vanaf de na strafschoppen verloren nacompetitiefinale tot en met nu.” De oud-docent geniet ervan. “Op school maakte ik ook altijd jaarboeken, keileuk. Al gaat er stiekem wel veel tijd in zitten. Het boek wordt zo’n honderd pagina’s dik.”

Dat Avanti afgelopen seizoen sportief wat minder fortuinlijk was, doet niets af aan zijn liefde voor de club. “We verloren bijna alles met één goal verschil. Waar vorig jaar alles meezat, zat nu alles tegen. En dat tegen verenigingen met soms begrotingen van anderhalf tot twee ton. Wij doen het met eigen jongens. Teun Kuijpers, Roel Kappen, Toon en Mees van der Heijden konden allemaal hogerop, maar zijn gebleven. Dat siert ze en zegt genoeg.” Zou hij zelf wel zonder de club kunnen? Piet glimlacht. “Nee, vooral de sociale contacten wil ik voor geen goud missen. We winnen dan misschien niet altijd, maar doen wel alles samen. Dat is Avanti.”