Scorende openbaring vertrokken bij Emplina
EMPEL – Stef de Bijl is zo’n speler waar je vorig seizoen niet omheen kon bij Emplina. De frêle middenvelder, nog altijd maar negentien jaar oud, stond opvallend vaak op het scoreformulier. In korte tijd veroverde hij een vaste plek in het vlaggenschip van de eersteklasser. Maar zo snel als dat lukte, zo vlug kwam ook de volgende stap. Net als heel veel anderen liet hij Empel achter zich. Nieuwe bestemming: het Wijchense AWC.
Hoewel De Bijl doorstroomde vanuit de Emplina-jeugd, begon zijn voetbalreis een stuk dichter bij huis. “Bij NLC’03”, vertelde hij in de voorjaarseditie van de 073voetbalkrant. “Ik woon ook nog steeds in Lith. Maar in de Onder 10 ging ik mijn broer al achterna richting OJC. Was beter, vanwege het niveauverschil tussen mij en mijn medespelers.” In Rosmalen doorliep hij de jeugdopleiding tot en met de JO19-1. Toen volgde een opvallende stap. “Het team viel uit elkaar. Twee vrienden vertrokken bij OJC, met één daarvan ging ik mee naar Empel.”
De compagnon waarmee hij de overstap maakte hield het niet zo lang vol, vertelt De Bijl lachend. Maar spijt van zijn keuze had hij geen moment. “Nee, absoluut niet. In één jaar tijd groeide ik van de JO19-1 naar het eerste elftal, waar ik zelfs een basisplek veroverde. Of ik net zo goed bij OJC had kunnen blijven? Ik denk het eerlijk gezegd niet. In mijn jaren was de doorstroming daar minder. En ik denk dat ik bij Emplina in korte tijd meer heb bereikt dan ik daar had kunnen doen.”
Lurling keek raar
In het geel-blauw voelde De Bijl zich helemaal thuis, ook als jonkie binnen de selectie. “Leuke groep, met een prima niveau. En juist fijn om met oudere spelers te voetballen. Kan ik nog veel van leren.” Als speler omschrijft de pvc-vloerenlegger zichzelf als aanvallend en creatief. “Technisch, met veel creativiteit. En ondanks mijn postuur ben ik best sterk aan de bal, al zeg ik het zelf.”
Hij voetbalde afgelopen seizoen vooral als aanvallende middenvelder. Een positie die het talent zelf al langer ambieerde. “In de jeugd stond ik meestal verdedigender, op 6 of 8, om wat meer zekerheid te hebben in het team. Goals maken deed ik toen eigenlijk nooit.” Tot zijn nieuwe trainer Anthony Lurling hem vroeg waar hij het liefst speelde. “Ik zei ‘op 10’. Hij keek wel even raar, maar probeerde het toch. En dat pakt goed uit.”
Zelfs met de kop
De cijfers liegen niet. De Bijl – niet de grootste – scoorde zelfs met de kop. “Ik heb er in totaal tien gemaakt. Maar belangrijker was dat we het met het team goed deden”, zegt de jongste van allemaal, die speelde alsof hij er al jaren liep. Op 10, met vertrouwen en met goals. Die sterke ontwikkeling bleef ook buiten Empel niet onopgemerkt. Deze zomer maakte De Bijl, net als ploeggenoot Thijme Deckers, de overstap naar Vierde Divisionist AWC. Daar wacht opnieuw een mooie uitdaging, op weer een hoger niveau.
